Goud belasten is fiscaal onrechtvaardig!
In België vangt vanaf 1 januari 2026 een heel nieuwe episode aan in de fiscaliteit. De regering tracht op alle mogelijke manieren het enorme gat in het overheidsbudget te dichten en is daarom genoodzaakt om nieuwe bronnen aan te boren. Zo gaat nu ook het taboe van “de belasting op de meerwaarde” voor de bijl. In eerste lezing was deze nieuwe “solidariteitstaks van 10%” gericht op aandelen, obligaties, ETF’s, afgeleide producten en cryptocurrencies. Achteraf werd hier ook “goud” aan toegevoegd. Daarmee is echter heel expliciet een basisgrens overschreden van het belastbaar goed.
De kern van ONZE thesis is dat de nieuwe Belgische meerwaardebelasting van 10% op goud, die vanaf 1 januari 2026 van kracht wordt, onterecht is omdat de nominale “meerwaarde” van goud grotendeels een illusie is. Deze stijging weerspiegelt niet een intrinsieke waardevermeerdering van goud zelf, maar veeleer de devaluatie van fiatvaluta’s zoals de euro of dollar door inflatie en monetaire beleid.
Goud fungeert als een stabiele waarde-meerwaardeopslag, en het belasten ervan op basis van nominale “toename” negeert deze realiteit, wat neerkomt op een dubbele belasting op burgers die zich beschermen tegen door de overheid geïnduceerde geldontwaarding.
Uitbreiding met Economische Principes
Vanuit economisch oogpunt, geïnspireerd door scholen zoals de Oostenrijkse economie (denk aan Hayek of Mises), is goud geen “investering” die productief rendement genereert, maar een hedge tegen monetaire expansie. Overheden financieren tekorten door geldcreatie, wat inflatie veroorzaakt – een verborgen belasting op spaarders. De meerwaarde op goud is dus geen echte winst, maar compensatie voor deze devaluatie. Belasten ervan is als het straffen van iemand voor het dragen van een regenjas tijdens een storm die de overheid zelf veroorzaakt. In feite is inflatie al een “belasting” op fiatgeld, en een extra taks op goudwinst creëert dubbele belasting: eerst door devaluatie, dan door fiscaliteit.
Bovendien negeert de belasting nominale versus reële aanwinst. In veel landen, zoals de VS of Duitsland, bestaan mechanismen voor inflatiecorrectie op kapitaalwinsten voor lange-termijn-assets, om te voorkomen dat burgers belast worden op schijngroei. België mist dit voor goud, wat de taks oneerlijk maakt. Als goud zijn intrinsieke waarde behoudt (bijv. als ruilmiddel of industrieel metaal), waarom dan belasten op basis van een falende referentie (de euro)?
Historische Context
Hierbij gaan we terug naar de goudstandaard en de Nixon-schok van 1971, toen president Nixon de convertibiliteit van de dollar in goud opschortte, wat het einde markeerde van het Bretton Woods-systeem.
Voor 1971 was goud vastgepind op $35 per ounce, maar sindsdien is de prijs gestegen tot ongeveer $3.600 per ounce in september 2025 (inflatie-gecorrigeerd).
Dit vertegenwoordigt een nominale stijging van meer dan 10.000%, maar wanneer gecorrigeerd voor inflatie, is de reële waardestijging van goud veel bescheidener – vaak slechts een hedge tegen de erosie van koopkracht.
De dollar heeft inderdaad ongeveer 99% van zijn waarde verloren sinds 1913 ( Federal Reserve oprichting), maar specifiek sinds 1971 is de devaluatie rond 96-97%, afhankelijk van de inflatiemeting.
Laat ons even de situatie vergelijken met de mastlengte van een zeilschip. De mast is 10 meter hoog, maar als de “centimeterlengte” van de meetstok wordt ingekort, meet men achteraf 15 meter en komt de boot in een hogere categorie terecht. De mast is helemaal niet langer geworden, maar de referentie-meetwaarde is veranderd.
De analogie met de mastlengte is treffend: de “meetstok” (valuta) krimpt, maar de mast (goud) blijft hetzelfde, en toch wordt de eigenaar belast op de schijnbare “groei”.
Wat betreft de Belgische wetgeving: De regering introduceert inderdaad een “solidariteitsbijdrage” van 10% ook expliciet op goud, met een vrijstellingsdrempel van €10.000 per jaar per persoon.
Dit geldt alleen voor waardestijgingen na 1 januari 2026, maar het overschrijdt een grens door goud – traditioneel gezien als een monetaire asset – te behandelen als een speculatief beleggingsproduct.
Critici wijzen erop dat dit de aantrekkelijkheid van goud als spaarmiddel vermindert, juist in een tijd van hoge overheidsschulden en inflatiedruk.
Nieuwe Argumenten Tegen de Belasting
Imaginaire Gains en Dubbele Bestraffing: De “winst” op goud is vaak imaginair, omdat het geen dividend of rente oplevert, maar puur reageert op valutadevaluatie. In de VS argumenteren Libertarische groepen dat “capital gains tax” op edelmetalen een belasting is op “fantoomwinsten”, aangezien goud geen echte appreciatie ondergaat maar de valuta depreciëert.
Ontmoediging van Gezond Sparen: Goud dient als hedge tegen inflatie en valutacrisis, zoals tijdens de eurozone-crisis van 2010-2012 of recente inflatiepieken post-COVID. Belasten van goud is een perverse incentive om investeerders te dwingen naar risicovollere activa (bijv. aandelen), wat bubbels kan creëren en economische instabiliteit bevordert. In plaats van begrotingstekorten aan te pakken door uitgaven te snijden, belast de overheid spaarders die anticiperen op toekomstige devaluatie.
Juridische en Ethische Grondslag: Goud heeft historisch een zuiver monetaire status en is niet uitsluitend als grondstof of handelsgoed te beschouwen. Goud en ook zilvermunten zijn te beschouwen als een wettig betaalmiddel, wat illustreert dat goud geen “belegging” is maar “geld”. In België overschrijdt dit een ethische grens: waarom goud belasten terwijl fiatvaluta’s vrij zijn van dergelijke taksen? Het is als het belasten van spaarrekeningen op inflatiecorrectie.
Vergelijking met Andere Assets: In vastgoedbelastingen (bijv. in Nederland) past men een inflatie-correctie toe om nominale meerwaarde te corrigeren.
Nieuwe Vergelijkingen en Analogieën
De Salarisillusie: Stel je voor dat je salaris jaarlijks stijgt met 3% door inflatie, maar de belastingschijfgrens blijft onveranderd, waardoor je effectief meer betaalt op nominale inkomsten. De “verhoging” is geen echte winst, maar compensatie voor hogere levenskosten. Zo ook met goud: De prijsstijging compenseert de devaluatie, maar de belasting pakt een deel af, waardoor je netto koopkracht verliest.
De Thermometer en de Koorts: Inflatie is als koorts in het lichaam (economie), veroorzaakt door overmatig geld printen. Goud is de thermometer die de temperatuur meet. Belasten van goudwinst is als het straffen van de thermometer voor het tonen van de koorts, in plaats van de ziekte (overmatige overheidsuitgaven) te genezen.